Nederland dreigt grip te verliezen op zijn economische toekomst. Talent en kapitaal vertrekken, innovaties blijven achter en we worden te afhankelijk van andere landen. “Onze oude strategie van alles tegelijk willen doen, betekent nergens écht winnen. In een wereld waar snelheid, schaal en focus bepalen wie wint, is kiezen de enige oplossing om onze banen, welvaart en onafhankelijkheid te versterken”, stelt demissionair minister Vincent Karremans van Economische Zaken.
Daarom heeft de ministerraad op zijn voorstel afgelopen vrijdag ingestemd met het nieuwe industriebeleid, waarin de focus ligt op de meest kansrijke markten voor Nederland. Met deze nieuwe aanpak wordt per 1 januari 2026 het huidige topsectorenbeleid afgerond. Het nieuwe industriebeleid focust op zes markten waarin we wereldwijd kunnen winnen en waarvoor we als Nederland een sterke uitgangspositie hebben.
Focus op 6 markten
Hierbij is er ruime aandacht voor digitale technologieën. Het gaat om:
- Halfgeleiders;
- Biotechnologie;
- Defensiegerelateerde toepassingen (zoals 6G, radar, lasersatellietcommunicatie, quantum);
- Digitale diensten (met name AI);
- Machinebouw;
- Innovatieve chemie.
Er zullen programma’s worden gecreëerd om deze 6 markten te versterken, zoals eerder is gedaan voor de halfgeleiderindustrie met project Beethoven. Het gaat om middelen en acties zoals:
- Mensen en middelen
Programma’s per markt, met extra capaciteit, kennis en coördinatie van de overheid. Middelen worden gericht ingezet daar waar de grootste kansen liggen. - Markten uitbouwen
Ecosystemen worden versterkt voor de gekozen markten, en waar nodig en mogelijk wordt de vraag gestimuleerd, bijvoorbeeld via strategische inkoop door overheid en EU, zodat innovaties sneller de kans krijgen om door te breken. - Financiering en randvoorwaarden
Betere toegang tot kapitaal, minder belemmerende regels en oplossingen voor ruimte, netcongestie, infrastructuur en vergunningen. - Internationale slagkracht
Nederland versterkt zijn marktpositie via het stimuleren van handel, aantrekken van buitenlandse bedrijven en investeringen, en deelname aan Europese programma’s zoals IPCEI’s, Horizon Europe en de Net Zero Industry Act. - Talent en kennis
Nederland profileren als magneet en opleidplek voor digitaal en technisch talent, en tegelijkertijd investeren in fundamenteel en toegepast onderzoek dat direct doorwerkt naar bedrijven.
Voor het overige bedrijfsleven en de voormalige topsectoren blijven generieke innovatieregelingen zoals de WBSO, fiscale regelingen en andere financiering voor bijvoorbeeld verduurzaming bestaan, maar zijn er geen of minder toegespitste programma’s. Ook blijft Nederland voor alle markten en sectoren werken aan een stevig fundament voor ondernemerschap en groei voor alle bedrijven die Nederland draaiende houden.
Durven kiezen
“Door de grote uitdagingen waar we mee te maken hebben, zoals een krappe arbeidsmarkt, een vol stroomnet en toenemende geopolitieke spanningen, kunnen we het ons niet veroorloven om stil te zitten en geen keuzes te maken. Als we ook in 2040 aan de top willen staan, moeten we nu durven kiezen. Door te investeren in deze zes markten waar we echt het verschil kunnen maken en echt kunnen winnen, versterken we onze veiligheid, economische groei en toekomstige welvaart. Uiteindelijk is het heel simpel: wie niet kiest, verliest”, reageert minister Karremans.
Landen als de Verenigde Staten en China investeren miljarden in technologie en industrie, wat bedrijven, kennis en talent aantrekt en waarmee marktmacht wordt opgebouwd. Nederland kan niet achterblijven. De oude werkwijze waarin we middelen over vele sectoren en initiatieven verspreiden levert te weinig op.
De zes markten
De 6 focusmarkten zijn geselecteerd op:
1) economische potentie;
2) strategische economische positionering;
3) bijdrage aan het oplossen van maatschappelijke opgaven.
Het ministerie van Economische Zaken onderbouwt de keuze voor digitale diensten, waarbij de focus vooral komt te liggen op AI, met een sterke marktgroei (gemiddeld was dit 16,8% per jaar). Digitalisering, met name AI, versterkt onze digitale autonomie en kent toepassingen in onder meer de zorg, energie en veiligheid.
Maar ook bij de andere focusmarkten is er vaak een sterke digitale component. Zo wordt bij machinebouw ook ingezet op chipmachines en medische technologie. En de halfgeleidersector is onmisbaar voor AI, digitale veiligheid en de energietransitie. Daarnaast zijn er veel niches waar Nederland een koploperspositie in heeft of kan verkrijgen, zoals quantum en fotonica. Bij defensiegerelateerde toepassingen draait het in het bijzonder om 6G, radar, lasersatellietcommunicatie en quantum. Ook biotechnologie en digitale technologie raken steeds sterker met elkaar verweven. Data-analyse, AI en digitale simulaties versnellen biotechnologisch onderzoek en productie, terwijl cybersecurity cruciaal is voor het beschermen van gevoelige genetische en medische data.
Sterkere basis voor alle bedrijven
Naast deze prioriteiten werkt het kabinet ook aan de randvoorwaarden die álle ondernemers raken: betere toegang tot financiering, minder regeldruk, oplossen van netcongestie, voldoende ruimte voor bedrijven en genoeg technisch en digitaal talent. Daarom blijft er oog voor de volle breedte van onze economie, waar kansen liggen om nieuwe markten te ontwikkelen en technologie toe te passen. Daarnaast blijft het kabinet het missiegedreven innovatiebeleid inzetten om met bedrijven samen te werken aan de maatschappelijke opgaven van dit moment.
Het nieuwe industriebeleid moet zorgen voor een industrie die in 2030 minstens 15% van het bbp vertegenwoordigt. De gezamenlijke R&D-investeringen (publiek en privaat) moeten tegen die tijd uitkomen op minimaal 3% van het bbp. De komende maanden worden de programma’s per markt verder uitgewerkt. Daarbij kijkt het kabinet ook hoe extra middelen vrijgemaakt of herverdeeld kunnen worden.
Bekijk het nieuwsbericht van het ministerie van Economische Zaken